Wat is de norm voor verlichting in kantoren?
Hoeveel licht moet er op een kantoorwerkplek zijn, en is dat wettelijk vastgelegd? We zetten de regels en normwaarden voor kantoorverlichting op een rij, per ruimte.

Wat zegt de wet over kantoorverlichting?
Wie zoekt naar een wettelijk luxgetal voor kantoren, vindt het niet in de wet. Het Arbobesluit schrijft in artikel 6.3 alleen een doel voor: werkplekken en looproutes moeten zo verlicht zijn dat het licht geen risico oplevert voor de veiligheid en gezondheid van medewerkers. Er moet, waar mogelijk, voldoende daglicht binnenkomen en er moeten voldoende voorzieningen voor kunstverlichting zijn. Ook mag de kleur van het kunstlicht de herkenning van veiligheidssignalering niet beïnvloeden.
Hoe je aan dat doel voldoet, laat de wet open. Daarvoor kijkt iedereen in de praktijk naar dezelfde norm: NEN-EN 12464-1.
NEN-EN 12464-1: de norm voor kantoorverlichting
NEN-EN 12464-1 beschrijft de verlichtingseisen voor werkplekken binnen. De huidige versie is van 2021. Voor kantoren noemt de norm per ruimte vier kernwaarden:
Verlichtingssterkte (Ēm): het gemiddelde aantal lux op het werkvlak, als onderhouden waarde. Dat is wat er overblijft na jaren van veroudering en vervuiling, niet de waarde bij oplevering.
Gelijkmatigheid (Uo): de verhouding tussen de laagste en de gemiddelde lichtsterkte.
Verblinding (UGR): hoe hoger dit getal, hoe meer kans op verblinding. Voor beeldschermwerk ligt de grens laag.
Kleurweergave (Ra): hoe natuurgetrouw kleuren eruitzien onder het licht.
Luxwaarden en eisen per kantoorruimte
Een kantoor bestaat uit meer dan werkplekken. Voor de meest voorkomende ruimtes gelden deze minimale waarden:
Werkplek en bureau: 500 lux, Uo 0,60, UGR 19, Ra 80
Vergaderruimte: 500 lux, Uo 0,60, UGR 19, Ra 80
Receptiebalie: 300 lux, Uo 0,60, UGR 22, Ra 80
Kopieerruimte: 300 lux, Uo 0,40, UGR 19, Ra 80
Archief: 200 lux, Uo 0,40, UGR 25, Ra 80
Kantine en pantry: 200 lux, Uo 0,40, UGR 22, Ra 80
Sanitaire ruimte: 200 lux, Uo 0,40, UGR 25, Ra 80
Gang en verkeersruimte: 100 lux, Uo 0,40, UGR 28, Ra 40
Trappenhuis: 100 lux, Uo 0,40, UGR 25, Ra 40
Wat opvalt: de werkplek bepaalt niet het lichtniveau van het hele kantoor. Gangen, pantry’s en archieven mogen een stuk minder licht krijgen. Wie het hele pand op 500 lux zet, verbruikt meer energie dan nodig.
Wanneer geldt een hogere waarde?
Sinds 2021 noemt de norm naast de vereiste waarde ook een verhoogde waarde. Voor schrijven, typen, lezen en dataverwerking loopt die op van 500 naar 1.000 lux. De hogere waarde is bedoeld voor situaties waarin:
het werk visueel zwaar is;
fouten duur zijn om te herstellen;
nauwkeurigheid en concentratie extra belangrijk zijn.
Ook als medewerkers minder goed zien, is een stap hoger op zijn plaats.
Dat betekent niet dat elke werkplek op 1.000 lux moet. Het betekent dat je per afdeling een bewuste keuze maakt. Dimbare armaturen helpen daarbij: je installeert de capaciteit en stelt het niveau in op wat er nodig is.
Nieuw sinds 2021: licht op wanden, plafond en gezichten
De versie van 2021 kijkt verder dan het bureaublad. Voor werkplekken en vergaderruimtes geldt ook een minimum van 150 lux op de wanden en 100 lux op het plafond. Een kantoor met alleen licht naar beneden voelt donker en somber, ook als het bureau aan de norm voldoet.
Daarnaast noemt de norm een cilindrische verlichtingssterkte van 150 lux. Die gaat over het licht op gezichten. Bij overleg en videogesprekken wil je elkaar goed kunnen zien, zonder harde schaduwen.
Hoe weet je of je kantoor voldoet?
Vooraf toets je een ontwerp met een lichtberekening. Daarin zie je per werkplek of de luxwaarden, de gelijkmatigheid en de verblinding binnen de norm vallen. Achteraf controleer je met een luxmeter of de praktijk klopt met de berekening.
Bij De Lichtjongens maken we voor elk project een DIALux evo-lichtberekening. Daarin staan de luxwaarden per werkplek, de uniformiteit en het energieverbruik, getoetst aan EN 12464-1. Voor kantoren kiezen we armaturen met een UGR onder de 19. Wil je verder gaan dan de norm, dan kan biodynamische verlichting de kleur en sterkte van het licht laten meebewegen met de dag.
Let op: noodverlichting valt niet onder NEN-EN 12464-1. Daarvoor geldt een aparte norm, EN 1838.
Conclusie
De wet vraagt goede verlichting op kantoor, maar noemt geen getallen. NEN-EN 12464-1 vult dat in: 500 lux op de werkplek met een UGR van maximaal 19, en lagere waarden voor gangen, pantry’s en archieven. Sinds 2021 tellen ook het licht op wanden, plafond en gezichten mee. Met een lichtberekening weet je vooraf zeker dat je kantoor voldoet, zonder onnodig veel licht.
Twijfel je of jouw kantoor aan de norm voldoet? Vertel ons over je pand, dan rekenen we het lichtplan voor je door. Je krijgt een eerlijke prijsopgave en een prognose van wat het oplevert. Vrijblijvend. Maak een afspraak